In september 2013 zijn we in Zalacsány (Hongarije) geweest. In het Kalandor-resort, een B&B gerund door twee Nederlanders, was het prima vertoeven.

Op weg ernaartoe hebben we twee tussenstops in Duitsland gemaakt. Helaas leverde de eerste tussenstop al wel direct een behoorlijke dip op in ons vakantiegevoel. Femke was van de trap gevallen en naast een wond boven haar linker oog, had ze ook veel bloedverlies. Een bezoek aan een lokale huisarts en vervolgens het ziekenhuis waren het gevolg. Het hoefde gelukkig niet gehecht te worden, lijmen was voldoende.

Later op de dag zijn we voor de afleiding nog naar Playmobil-land geweest. Een erg grote speeltuin, een ‘pretpark’ is het niet echt, helemaal in het teken van verschillende Playmobil-thema’s.

Ondertussen voelde Femke (wij dus ook) zich gelukkig al weer een stuk beter, maar wat was het schrikken!

De dag erop zijn we richting het resort gereden. De laatste kilometers duurden het langst vanwege een chronisch gebrek aan snelwegen in Hongarije (150 km in ruim 2,5 uur). De meeste wegen kenmerken zich door niet lang/doorgaand en vaak hobbelig met de nodige reparatieplekken te zijn. Gelukkig werden we bij aankomst warm onthaald en stond het avondeten klaar.

De dag erop konden we rustig opstaan, rustig eten en rustig de omgeving gaan verkennen. In Kesthely keken we op een pier uit op het Balatonmeer. Het was er vrij rustig. Zouden we voorlopig de laatste toeristen zijn geweest?

Rustig was het ook in de dagen erop bij het kasteel in Szigliget, het Afrikamuseum, het Buffelreservaat, het strand in Kesthely, het dierenpark bij Kesthely en op de snelweg (één van de weinige) richting Budapest.


Budapest, waar naar verhouding de meeste Hongaren wonen, bestaat uit de delen Buda en Pest en wordt verbonden door een aantal bruggen over de Donau.


Ook leuk was het om een paar fietsen te huren. Ondanks het gebrek aan voet- en fietspaden in Hongarije, kun je goed fietsen in en nabij Kesthely. De fietsen waren van een goede kwaliteit en niet duur (nog geen 7 euro voor 2 fietsen, inclusief kinderstoel, voor een middag).

Behalve een kasteel in Szigliget en een paleis in Kesthely hebben we ook een kasteel in Sumeg bezocht. Dat kasteel is in een veel betere conditie dan dat van Szigliget. Er wordt ook hard gewerkt aan de wederopbouw. Het kasteel ligt op een heuvel met steile hellingen, midden in het dorp.

In Tapolca hebben we – nadat we een bezoek hadden gebracht aan een sfeervolle markt met allerlei uiteenlopende producten – gevaren op een ondergrondse meer. Een bijzondere ervaring om in alle rust in een bootje op heel helder water te varen, tig meter onder de grond.


Over water gesproken…niet de gehele vakantie is het droog gebleven. Eén (!) dag heeft het geregend. Dat was een mooi moment om naar een nabijgelegen kuuroord met verschillende zwembaden te gaan.

De dag erop was het weer zonnig en zijn we naar het schiereiland Tihany gereden. Een fraai dorp met vele gezellige winkeltjes op en naast een heuvel, waar een kerk op staat. Ook is er nog een woning van Oosters-orthodoxe monniken, die daar in de elfde eeuw werden gehuisvest, te vinden.

Ondertussen kwam ook het einde van de vakantie in zicht. Maar voor we naar huis gingen, hebben we nog een paar dagen doorgebracht in CenterParcs, in de Eifel. Dat gaf ons de gelegenheid om nog een paar keer te gaan zwemmen en om een uitgebreide multi-cache te doen. In bijna 4 uur hebben we de omgeving verkend en alle puzzelstukjes kunnen vinden, om uiteindelijk ook de ‘schat’ te vinden.

Nog wat foto's…